Hieronder volgt een conceptgedeelte uit de Thesis. Nicholas Wolterstorff, bekend christenfilosoof, zet de speech act theory in voor bepaalde doeleinden, namelijk om de claim te ondersteunen dat God spreekt met gebruik van mensenwoorden. Het volledige gedeelte over Wolterstorff is te vinden in dit document.
Afgevaardigd en toegeëigend spreken
Er zijn situaties denkbaar waarin een hoger geplaatste zijn ondergeschikte als waarnemer aanstelt om in zijn naam te spreken, wat Wolterstorff afgevaardigd spreken (deputized discourse) noemt.[1] Een goed voorbeeld is een ambassadeur die namens een president in het buitenland optreedt. Vanwege zijn aanstelling tot waarneming (deputation) gelden de locutionaire handelingen van de ambassadeur als (count as) de illocutionaire handelingen van het staatshoofd.[2] Het is niet noodzakelijk om te denken dat de ambassadeur zelf spreekt, in de zin dat hij zelf taalhandelingen uitvoert.
Een andere modus van spreken is wanneer iemand het spreken van een ander overneemt. Dit komt bijvoorbeeld voor wanneer iemand zegt: ‘ik sluit mij bij de vorige spreker aan, ik neem zijn woorden over’. Dat heet dan in gebruik genomen of toegeëigend spreken (appropriated discourse).[3] In het geval van toegeëigend spreken is het altijd zo dat dit spreken zelf uit illocutionaire handelingen bestaat, die vervolgens gelden als de illocutionaire handelingen van de partij die het spreken overneemt (appropriating discourse). Het lijkt gerechtvaardigd om hier te spreken van dubbel spreken (double-speaking[4] of double-discourse[5]) omdat twee partijen illocutionaire handelingen uitvoeren. In het geval van afgevaardigd spreken is dit echter niet noodzakelijk, dus is er niet noodzakelijk sprake van dubbel spreken.[6]
In de Bijbel zijn deze twee wijzen van spreken terug te vinden. Het spreken van een profeet, die woorden van God krijgt, aangesteld wordt om die te spreken (commission), en de volmacht krijgt om in Gods naam te spreken (deputation), past binnen het paradigma van afgevaardigd spreken.[7] De rest van de Schrift staat meer in het teken van toegeëigend spreken. Wolterstorff gaat zelfs zover om te stellen dat men de Bijbel als geheel kan zien als toegeëigend spreken.[8] Via dit model wil hij nu verder de Bijbel benaderen, als double discourse.
Samenvattend: het speech act-concept van de locutionaire en illocutionaire handeling in combinatie met het mechanisme van count-generation stelt Wolterstorff in staat om over de Bijbel te spreken als double agency discourse. Bij dit spreken zijn twee partijen betrokken, de menselijke en de goddelijke partij, waarbij de woorden (de locutionaire handelingen, maar het kan ook zijn: de illocutionaire handelingen) van de menselijke partij gelden als het spreken van de goddelijke partij (divine discourse). Door middel van het spreken en schrijven van mensen voert God zijn taalhandelingen van bevelen, verzoeken en beloven uit. Voor het grootste gedeelte spreekt God achteraf, door het spreken van mensen in gebruik te nemen.
[1] Wolterstorff, Divine Discourse, 42.
[2] Wolterstorff, Divine Discourse, 45.
[3] Wolterstorff, Divine Discourse, 51.
[4] Wolterstorff, Divine Discourse, 40.
[5] Wolterstorff, Divine Discourse, 52.
[6] Wolterstorff, Divine Discourse, 52.
[7] Wolterstorff, Divine Discourse, 46-47.
[8] o.a. op Wolterstorff, Divine Discourse, 186-87.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten